Ingredienten commerciele brokken

 

 

De meeste mensen gaan vaak af op de grotere merken voor wat betreft honden- en kattenbrokken.

Of door reclames op de televisie of omdat ze dit door anderen wordt aangeraden. De merken hoeven wij niet te noemen, dit gaan we ook niet doen. Iedereen kan voor zichzelf wel bedenken welke dit zijn.
Het kan soms nuttig zijn om eens te kijken wat er allemaal wordt genoemd op het etiket; wat zit er nou eigenlijk in de commerciële voeding voor onze hond of kat?
Hieronder noemen wij de veel voorkomende ingrediënten.

Omdat wij een natuurwinkel zijn, hebben wij bij een aantal van deze gebruikte ingrediënten wat bedenkingen. Met name omdat deze, bij dieren die hier gevoelig voor zijn, gevolgen kunnen hebben voor de gezondheid. Of omdat het gewoonweg niet past bij het spijsverteringssysteem van een dierlijk eiwit-eter. En aangezien een goede gezondheid begint in de darmen, is juist de samenstelling van de voeding heel belangrijk.

 

* GRANEN

Meestal vormen deze het hoofdbestanddeel van de voeding. Dit kan variëren van 30-70% van de totale inhoud.

Bij graan kunnen we denken aan gerst, haver, rogge, maïs en rijst. Van dit rijtje bevatten gerst, rogge, mais en tarwe ook gluten. Het is een ideaal vul- en mengmiddel om de structuur van de brok te vormen. Graan is een goedkope grondstof. Het zorgt voor eiwit en koolhydraten.

Echter is het spijsverteringssysteem van hond en kat er niet op gebouwd om deze grote hoeveelheden koolhydraten om te zetten. Ze kunnen er niet veel mee, het resulteert hoogstens in veel ontlasting. De granen die toegevoegd worden betreft in bijna alle gevallen de overblijfselen, nadat ze eerst verwerkt zijn tot producten voor menselijke consumptie. Wanneer op de verpakking 'rijst' staat, dan is dat vaak witte rijst of breukrijst. Witte rijst bevat weinig tot geen nuttige voedingsstoffen en breukrijst is een afvalproduct van witte rijst.

Omdat veel honden en katten grote hoeveelheden granen niet nodig hebben in een evenwichtig menu, vormen ze vaak ballast in het lichaam. Wat niet wordt uitgescheiden wordt opgeslagen en kan gaan gisten. Dit moet ergens het lichaam uit, en dat gebeurt vaak via de oren (vieze oren, oorontsteking), huid (jeuk, huidklachten, anaalklierklachten) of ontlasting (diarree, slappe ontlasting).

Vaak is er dan sprake van een afvalprobleem, en ook de welbekende overvolle anaalklieren kunnen hier een gevolg van zijn.

 

* DIERLIJKE BIJPRODUCTEN

'Vlees en dierlijke bijproducten'betekent dat de fabrikant beide producten vermengd en dan het totale percentage op de verpakking zet. Vlees en dierlijke bijproducten kan eigenlijk van alles zijn.

Dierlijke bijproducten is afval dat niet geschikt is voor menselijke consumptie. Alles wat maar met vlees te maken heeft en niet meer door mensen mag worden gegeten is volgens de overheid geschikt als diervoeding: hersenen, longen, nieren, bloed, botten, hoorns, kippenklauwen, gemalen veren, hoeven, pezen, weefsel, huid, urine, magen, darmen, enzovoort.

Vaak is dit afkomstig van afval wat nergens anders meer voor kan worden gebruikt. Dit afval wordt gemalen, gekookt en uitgeperst, waarna het wordt toegevoegd aan de voeding.

 

* PLANTAARDIGE BIJPRODUCTEN

Voor plantaardige bijproducten geldt eigenlijk hetzelfde; dit kunnen notendoppen zijn, stengels, bladeren, resten uit de productie van muesli, zaagsel en stro, enzovoort.


 

* BIETENPULP

Bietenpulp bestaat uit overblijfselen van suikerbieten nadat ze zijn verwerkt voor menselijke consumptie. Er blijft dan een brij van vezels over. Deze vezels zorgen ervoor dat de voeding langer in de darmen blijft waardoor er meer vocht onttrokken kan worden en er minder ontlasting overblijft.

Nadeel hiervan is dat wanneer het langer in het lichaam blijft, er ook meer gifstoffen vastgehouden kunnen worden.

 

* DOOR DE EG TOEGESTANE ANTIOXIDANTEN

Antioxidanten zijn chemische toevoegingen die dienen als conserveringsmiddel. Er zijn ook conserveringsmiddelen van natuurlijke aard, zoals citroenzuur en linolzuur.

Chemische antioxidanten ondermijnen de gezondheid van hond en kat. Uit onderzoeken is gebleken dat het voortplantingssysteem ontregeld kan raken, te kleine pups worden geboren of zelfs vroegtijdige sterfte.

Daarnaast hopen deze stoffen zich op in de lever en wanneer deze zijn taak niet goed kan uitvoeren, kan dit leiden tot huidproblemen. Ontstekingen, hotspots, jeuk, haaruitval, kale plekken of korstjes op de weke delen van het lichaam. Soms zijn infecties zo ernstig dat honden zichzelf totaal kapot bijten.

Chemische antioxidanten zijn ronduit gevaarlijk voor dieren met epilepsie en naast fysieke schade kan het ook op mentaal gebied vervelende symptomen opleveren. Denk daarbij aan hyperactief of agressief gedrag. We noemen hierna vier chemische stoffen die door de EG zijn goedgekeurd om verwerkt te worden in diervoeding, met als doel het ranzig worden van vetten tegen te gaan: Ethoxyquine (E324), Butylhydroxyanisol (BHA - E320), Butylhydroxytolueen (BHT - E321) en Propylgallaat (E310).


Uiteraard is dit nog maar een tipje van de sluier. Wilt u meer weten over wat er in diervoeding wordt verwerkt, of over bovengenoemde ingrediënten, dan informeren we u hier graag over.

 

Winkelwagen

U heeft nog geen artikelen in uw winkelwagen.
© 2021 - 2024 Meat & More voor hond en kat | sitemap | rss